WIM DE BIE
‘HET IS MEER DAN OOIT TIJD OM IETS TE BEWEREN’

10 augustus 2002



Toen Wim de Bie zijn plannen voor het nieuwe seizoen bij de VPRO moest inleveren, gaf hij zijn zendtijd direct weer terug. Hij ging liever internet op, met zijn site Bieslog. ‘Ik vind het fantastisch om weer helemaal opnieuw te beginnen.’

Hij mag dan de stuwende kracht achter Bieslog zijn, eerlijk gezegd weet hij zelf ook niet precies wat “log” betekent, bekent Wim de Bie. ‘Volgens de puristen verwijst een log naar een website waarop naar weblinks verwezen wordt, voorzien van persoonlijk commentaar. Dat doe ik zelden, ik publiceer voornamelijk eigen werk. In feite is het een soort logboek op internet.’ Hoewel Bieslog nog maar een half jaar bestaat, hebben al tachtigduizend bezoekers –‘ik ben ongeveer net zo groot als het Parool- de website weten te vinden. En ze komen regelmatig terug. Niet zo gek, want Bieslog is op het kolkende web een sympathiek rustpunt met allure. De Bie schrijft er columns, bespreekt wat hem in de media opvalt en laat de bezoeker delen in zijn privébeslommeringen. Hij bekritiseert de “Berlusconisering” van de omroep, haalt herinneringen op aan zijn jeugd en speelt “hondbal” met buurtterriër Boyd (inclusief wedstrijdfragment op video).

De eenmansredactie van Bieslog houdt kantoor in het witte werkhuisje, achterin de tuin van De Bies huis. Een gebouwtje met een imponerende staat van dienst: op deze plek schreven Van Kooten en De Bie jarenlang de teksten voor hun televisieprogramma’s. Het Wetenschappelijk Bureau van het Simplisties Verbond was hiér gevestigd, net als overigens het kluizenaarshutje van Walter de Rochebrune. Maar dat was vroeger. Nu brengt Wim de Bie hier vele uren per dag door om Bieslog zo actueel mogelijk te houden. ‘En kijk ‘ns daar’, zegt hij, wijzend naast z’n bureau. Daar staat de “uitrukkoffer”, voorzien van camcorder en mini-disc met microfoon, waarmee hij de wereld in interviews en reportages probeert te vangen. Een razende reporter van drieënzestig. ‘Ik vind het leuk om al die onderdelen –schrijven, beeld en geluid- samen te brengen. Dat is zo aardig aan zo’n site. Ik kan een interview met een tekenaar laten horen, terwijl je ondertussen naar z’n werk kunt kijken.’

Gek, De Bie had zelf vroeger ook niet kunnen denken dat hij zich volledig op internet zou storten. In maart 1998 was de laatste tv-uitzending van Van Kooten en De Bie. Dat najaar ging De Bie solo verder, met Spreker: Wim de Bie vanuit het Vakbondsmuseum in Amsterdam. Later volgde De Bunker van De Bie. Beide programma’s werden bij wijze van experiment ondersteund door een speciale website. Aanvankelijk vooral als grap, maar het werd allengs serieuzer. De Bie verzorgde dagelijks per webcam een uitzending van een uur. 'Ik zie mezelf wel een satirisch digitaal tijdschrift maken’, zei hij destijds in Vrij Nederland.‘Maar dan kun je die televisie er onmogelijk naast blijven doen. Daarvoor is zo'n digitaal tijdschrift een veel te serieuze aangelegenheid.’

Hoe werd het een eigen site?
‘Vorig jaar zomer stuitte ik voor het eerst op “Weblog”. Er zijn firma’s die op internet gratis sites beschikbaar stellen. Binnen vijf minuten heb je een eigen krantje. Zo onvoorstelbaar leuk. Voor de lol ben ik het dagelijks gaan vullen. Tegen niemand gezegd; ik wilde het stil houden. Maar al na drie dagen stond in de krant dat ik een internetkrantje maakte.’ Toen-ie bij de VPRO z’n nieuwe tv-plannen voor het komend seizoen moest indienen, stond z’n besluit vast. ‘Het idee voor zo’n eigen weblog trok mij zo aan, dat ik voorstelde m’n tv-tijd terug te geven. In plaats daarvan vroeg ik de VPRO Bieslog te ondersteunen zodat ik de site kon uitbreiden met beeld en geluid, waarvoor veel meer techniek is vereist.’ Voorlopig is het een experiment van een jaar. Maar wat De Bie betreft gaat hij na 1 januari 2003 gewoon door. ‘Ik beschouw het als mijn eigen programma; ik heb elke dag een column, kan voortdurend commentaar geven op de actualiteit. Daarnaast ben ik volkomen vrij. Het ene moment beschrijf ik een jeugdherinnering, het volgende moment sta ik te fotograferen als de koningin voorbijkomt.’

Wat is het belangrijkste verschil met televisiemaken?
‘Het grote voordeel is dat er geen kader meer is, geen dwingend format van vijfentwintig minuten op zondag. Tv-maken gaat gepaard met een ijzeren discipline. Een jaar van tevoren is alles al tot op de seconde afgesproken en vastgelegd. Het was exact uitgekiend: dinsdag, woensdag en donderdag schrijven, vrijdag kwam de ploeg, en daarna gingen we monteren voor de zondagavond. Op zichzelf geweldig; ik heb het altijd met veel genoegen gedaan. Maar je kon niet opeens iets anders doen. Inhoudelijk kan ik nu veel meer kanten op. Ik combineer alles wat ik ooit heb gedaan; radio, tv, schrijven. En het voordeel boven televisie is dat mensen de mogelijkheid hebben om direct te reageren.’

Hij wordt regelmatig op z’n vingers getikt. Toen hem onlangs een pardoes “ik wordt’ uit de vingers glipte, werd hij binnen drie minuten door tientallen bezoekers vermanend toegesproken. De reacties zijn inhoudelijk sowieso veel beter dan bij televisie, vindt de hoofdredacteur. ‘Bij de televisie zeggen ze meestal: “ik heb gekéken, hoor. Het was leuk”. Hier komen mensen met aanvullingen, foto’s en tips. Het leuke van internet is dat je ook kleine dingen kunt doen, echte huis-tuin-en-keukenopnames. Ik heb verslag gedaan van het wel en wee van de kippen in onze achtertuin. Dan komt er al snel een reactie: “waar kijk ik nu naar, meneer De Bie?”’ En De Bie reageert meestal ook. Toen na de moord op Fortuyn een mailtje binnenkwam -“heb je nou je zin?”- antwoordde hij onmiddellijk: “natuurlijk heb ik nu mijn zin niet. Ik begrijp absoluut niet waar je het over hebt”.’ Kreeg-ie per omgaande een schuldbewust berichtje terug dat het zo niet bedoeld was.

Hoe kijk je als satiricus aan tegen alle politieke veranderingen?
‘Het is meer dan ooit tijd om iets te beweren. Dit nieuwe kabinet is wat dat betreft een goudmijn. Ik heb ook met stomme verbazing naar Pim Fortuyn gekeken. Ik noemde hem eerst “de hysterische paljas”, later alleen nog “die man”. Pim Fortuyn gedemoniseerd? Helemaal niet! Hij werd op handen gedragen, en zeer onkritisch behandeld.’ Maar het mooie van Bieslog is, vindt hij, dat het niet altijd satire hoeft te zijn of een dubbele bodem moet hebben. ‘Soms is het zo klein, dat ik het er na een uur toch maar weer afhaal. Ik doe echt wat mij op een dag allemaal in de kop komt.’

Heb je na die rijke televisiecarrière niet het gevoel dat je van een hoge solide toren in een diepe ranzige modderpoel bent gevallen?
Verbaasd: ‘Welnee! Joh, ik vind het fantastisch om weer helemaal opnieuw te beginnen. Toen ik in het begin nog maar vijf lezers had, ging ik net zo hard m’n best doen als vroeger voor een paar honderdduizend kijkers.’ Tuurlijk, De Bie weet ook dat internet in de ogen van veel gebruikers nog lang geen betrouwbaar medium wordt gevonden. ‘Dat komt omdat er niet één betrouwbare instantie de leiding uitoefent. Je vindt er dus ook de grootste troep en viezigheid. Dat hoort bij de beginfase van het medium. Tegelijk is dat het bijzondere: iedereen kan op internet. Dat maakt het zowel verwarrend als intrigerend. Ik vind het geweldig dat ik over de hele wereld bekeken kan worden. Laatst kreeg ik een reactie van een onderzoeker dichtbij de poolcirkel.’ Glunderend: ‘Die zit daar naar mijn krant te kijken! Ik kreeg een mailtje van een Nederlands echtpaar uit Australië: “Leuk, we hebben voor het eerst in jaren weer contact met Nederland. Tussen haakjes, meneer De Bie: wat is een draaideurcrimineel?”.’

Maar er zijn natuurlijk ook beperkingen. Bewegend beeld via internet blijft technisch nog steeds problematisch. ‘Ik weet nu niet goed wat ik met video aanmoet. Je kunt met de camera heel weinig beweging hebben.’ De Bie wacht dan ook met smart op glasvezel en breedband. ‘Dan zou ik echte scènes kunnen doen, met grime erbij.’

Ga je ook je televisiewerk op Bieslog zetten?
‘Ik zou graag een compilatie van mijn solo-werk op de site zetten. Nee, niet het gezamenlijke werk met Kees. Dat is van ons samen. Er staat nu een geluidsfragmentje op van Dirk (de schreeuwende zwerver-CV). Hoewel het van mijn solo-cd kwam heb ik daar nog over getwijfeld. Het is toch uit onze gezamenlijke koker gekomen. Kees en ik hebben ons televisieprogramma altijd als een voorstelling gezien. We begonnen de week voor onszelf altijd met: wat speelt er zich af? Wat heb jij gelezen? Heb je nog iets leuks gezien? Dit werkt in feite op dezelfde manier.’ Het grote verschil is dat hij nu in z’n eentje werkt. De Bie heeft weliswaar dagelijks contact met de digitale afdeling van de VPRO -'erg aardige mensen, ik ben de oudste van de afdeling'- maar hij zal niet ontkennen dat hij "de vaste ploeg van vrienden" om hem heen mist. ‘Maar ja, het zij zo… Kees en ik hebben ook los van elkaar boeken geschreven. En door die voortdurende respons van bezoekers heb ik niet het gevoel helemaal alleen te zijn. Het schrijven voor zo’n site haalt heel veel naar boven: van de schoolkrant van vroeger tot het padvindersblaadje. Dat eigen-krantjegevoel van “zelf je stukjes stencillen’ is sterk aanwezig. Maar ja, nu moet ik verder. Er zit nog méér in, het kan allemaal inhoudelijk nog veel sterker. Nu ben je nog niet verplicht om naar Bieslog te kijken. Maar wat zou het mooi zijn als over een tijdje in alle tv-rubrieken in de kranten staat: “vanavond op Bieslog: … U mág het niet missen”.’

http://bieslog.vpro.nl

© Coen Verbraak, 2002