In het Italiaanse restaurant waar we na lang onderhandelen terecht zijn gekomen, slaat Ad Melkert de meest exquise lekkernijen over. Hij gaat vanavond voor de zeeduivel. De PvdA-fractievoorzitter is tegenwoordig in alles op zijn hoede. Hij is dan ook begonnen aan de belangrijkste hordenloop in zijn carrière. Na zijn Kamerlidmaatschap (1986-1994), het ministerschap van Sociale Zaken (1994-1998) en het fractievoorzitterschap van de Partij van de Arbeid zou het lijsttrekkerschap hem in 2002 misschien naar het Torentje kunnen voeren. Maar Ad Melkert (45) neemt nadrukkelijk geen voorschot op de toekomst. Daarvoor is er teveel ongewis, zegt hij met oudtestamentische stelligheid. En eerlijk is eerlijk, hij heeft de eerste lijsttrekker al voor z'n ogen zien sneuvelen. De manier waarop Jaap de Hoop Scheffer abrupt in de coulissen belandde, heeft Melkert geschokt.. 'Zoiets gun je niemand.' Hij heeft het altijd goed met de voormalige CDA-voorman kunnen vinden, evalueert hij. 'We zijn allebei in 1986 in de Kamer gekomen, waren beiden woordvoerder op een aantal buitenlandse onderwerpen (het Midden-Oosten en Suriname). Dan leef je met elkaar mee.'
Betrekt u zoiets ook op uzelf; hoe zou ik dat vinden als het mij overkwam?
'Dat is vrij vanzelfsprekend. De leuke en minder leuke kanten aan dit werk zijn herkenbaar.'
Hij formuleert bedachtzaam, soms zo traag dat het moeite kost om de eindeloos meanderende volzinnen tot aan de punt te blijven volgen. Maar af en toe dansen er achter de montuurloze brillenglazen opeens kleine pretlichtjes in de blauwe ogen. Op zulke momenten blijkt hij juist scherp, alert en humoristisch. Soms droogkomisch, op z'n Brits. Hoe de afgelopen zomer voor hem was, met al die geruchten over vermeend ESF-gesjoemel? 'Uitstekend. Dank voor de belangstelling.' Natuurlijk was hij 'onaangenaam verrast' door krantenberichten in met name NRC-Handelsblad en de Volkskrant die hem op zijn vakantieadres via zijn laptop bereikten. 'Toen ik die artikelen las, had ik een enorme aanvechting om direct te reageren. Maar als je zelf weet dat er niets verwijtbaar fout zit, kun je toch beter op je beurt wachten. Ik kon niet op het rapport-Koning vooruitlopen. Dan word je advocaat in eigen zaak.'
Toen dat rapport er eenmaal was, kon u niet wachten om uw onschuld te benadrukken. U belegde direct een persconferentie, nog vóór Willem Vermeend gesproken had.
'Ja, maar mijn houding is dat je je als politicus moet verantwoorden. Dat heb ik gedaan op het eerste moment dat dat kon. Dat luchtte eerlijk gezegd behoorlijk op.' Het was wel een vreemde ervaring, zegt hij. 'Welke vakantiekrant ik daar ook kocht, ik bleek er zelf in te figureren.' Hij heeft het er in die dagen veel met zijn vrouw (Monica Leon Borquez, Chileense van geboorte) over gehad. 'Die zei ook: we pakken het op als je terugbent.' Ze praten vaak samen over politiek, zegt hij, enigszins betrapt. Waar die gesprekken over gaan? Hij schiet in de lach. 'Dat wil je niet weten. Omdat ze met andere ogen naar de Nederlandse politiek kijkt, heeft ze vaak heel rake observaties. Over collega's, over situaties.'
Waarschuwt ze u voor mensen?
'Regelmatig. Vaak terecht, soms niet.'
En luistert u daarnaar?
'Af en toe. Ze is goed in het beoordelen van mensen. Waarom iets wordt gezegd, en wannéér. Ze heeft een feilloze antenne voor opportunisme.'
Hij groeide op in een katholiek gezin in Gouderak, als oudste van vier kinderen. Zijn vader heeft nog steeds de kapperszaak waar Melkert als jongen zijn eerste geld verdiende door de vloer schoon te maken. Eens per jaar maakten ze een uitstapje naar het verre Rotterdam. Met de bus. 'Voor nieuwe kleren en meubels. Dat waren eveneménten.'
Op de lagere school in Moordrecht ontdekte meester Bouwhuis dat "Adje van de kapper" het in zich had om naar het gymnasium te gaan. 'In de pauze mocht ik bij hem Frans leren. En ik leerde typen met tien vingers.' De onderwijzer wist vader en moeder Melkert ervan te overtuigen dat het gymnasium voor hun oudste zoon de beste keus was. Als "boertje uit Moordrecht" kwam hij terecht op het Coornhert Gymnasium in Gouda. Melkert typeert zichzelf, terugblikkend, als 'een nieuwsgierig jongetje, dat altijd bezig was. Ik heb mij nog nooit één minuut van mijn leven verveeld.'
Hoe was u met meisjes?
'Ja tjezus, het was wel een tijd van verkering, hoor. En daar liep ik zeker niet in achter.' Schaterend: 'Mijn vader kan zich nog goed herinneren dat-ie een keer naar het schoolplein kwam en dat er werd geroepen: "hé Lenie… je schoonvader!".'
Op z'n tweeëntwintigste werd hij lid van het bestuur van Politiek Jongeren Kontakt en van het hoofdbestuur van de Europese Beweging. Maar zo ambitieus was hij nou ook weer niet, relativeert hij. 'Toen we op de markt in Gouda De Klucht van de Koe speelden, koos ik de kleinste rol. Van Keesje, die in huilen uitbarst. Zeven regels tekst! Zeer bescheiden dus. Maar dat is iedereen vergeten.'
Iemand die zich al jong zo nadrukkelijk manifesteert, doet dat misschien om iets anders te compenseren.
'Ik zou niet weten wat. Natuurlijk heb ik ook weleens nagedacht over hoe het allemaal is gelopen. Ik geloof dat de stabiliteit die ik van huis uit meekreeg bepalend is geweest. In combinatie met grote nieuwsgierigheid en verantwoordelijkheidsbesef. Sta niet aan de kant te kijken hoe iemand in het water ligt. Doe zélf wat.' Ik vraag -een tikje lacherig- hoe vaak-ie dan wel in het water is gesprongen. Opeens verstrakt z'n gezicht. 'Eén keer letterlijk. Dat was bij mijn broertje. Ik was veertien, hij drie. Hij raakte met z'n scootertje in de IJssel. Ik zag 'm zó wegdrijven Toen ben ik het water ingestormd. Het had geen seconde langer moeten duren. Ja, dat is een momént geweest… En dan de emotie die daarna loskomt, als je beseft dat het allemaal goed is afgelopen… Dat vergeet je nooit.' De herinnering raakt hem, kort maar duidelijk merkbaar. 'M'n moeder en ik hebben sindsdien dezelfde associatie. Toen hij in dat water raakte, had hij zo'n snoepkettinkje om z'n scootertje hangen. En altijd als ik zo'n kettinkje zie, moet ik er aan denken. Altijd. Dat gaat nooit meer over.' Verlegen: 'Gek, is dat, he?'
Tijdens zijn politicologiestudie sloot Melkert zich aan bij de PPR, in 1982 meldde hij zich bij de Partij van de Arbeid. Wie zijn politieke voorbeelden waren? Melkert hoeft er niet lang over na te denken. 'Ik heb mij altijd erg aangesproken gevoeld door Max van der Stoel. Fascinerend hoe hij op buitenlands terrein in het kabinet Den Uyl zijn moeilijke opdracht glansrijk vervulde. Van der Stoel had in die tijd op mij meer aantrekkingskracht dan Den Uyl. Hij was toch een soort held voor mij. Ik heb mijn doctoraalscriptie over hem geschreven. Eind juni, bij zijn afscheid als Hogecommissaris voor de Minderheden, hebben we een klein symposium georganiseerd. Ik vond het echt ontroerend dat ik hem daar mocht toespreken.'Glunderend: 'Toen heb ik 'm ook nog een exemplaar van mijn doctoraalscriptie aangeboden. Die had-ie nooit gelezen.'
Of Wim Kok ook zo'n voorbeeld voor hem was? Nou, bij "voorbeelden" denkt hij toch meer aan 'mensen die je op afstand bezig ziet, in plaats of in tijd'. 'Ik heb wel veel van Wim geléérd. Ik heb vooral geleerd van de manier waarop hij geleerd heeft. Hij kwam in 1986 met al zijn ervaring wel nieuw binnen. In 1986 zaten we als PvdA ondanks een riante verkiezingsuitslag compleet aan de zijlijn. Het is Wim gelukt om de PvdA weer terug te brengen in het centrum. Ik kan u verzekeren dat dat niet meeviel, in een klimaat waarin de PvdA zich veel te laat had ingesteld op de noodzaak om Nederland te veranderen. De geest van de jaren zeventig -waarbij "saneren" geen gespreksonderwerp was- ijlde veel te lang na. Maar Kok heeft dat met veel geduld zoekend en tastend weer opgepakt. Een soortgelijk proces zag je toen-ie moest beginnen als Minister van Financiën. Die keuze voor dat departement heeft-ie gemaakt omdat-ie wist dat dáár het zwaartepunt van het derde kabinet Lubbers zou liggen. Dáár moest-ie zitten om voor de PvdA maximaal gewicht in de schaal te kunnen leggen.'
'Vanaf begin dit jaar hebben Wim en ik regelmatig gesproken over scenario's voor de toekomst. Pas na de zomervakantie hebben we de knoop doorgehakt. Hijzelf natuurlijk in de eerste plaats. Die dinsdag dat Wim het tijdens het bewindspersonenoverleg in het Catshuis bekend maakte was onvergetelijk. Ja natúúrlijk zijn daar heel wat tranen bij gevloeid. Ik moest zelf als eerste het woord nemen… en ik zat daar echt heel wat weg te slikken. Het feit dat Wim Kok zijn eigen ambitie opzij zette voor het belang van de partij, en het vertrouwen in mij uitsprak… dat was heel bijzonder.'
Kok had wel door gewild?
'Als persoon had-ie zich tot z'n laatste snik willen inzetten.'
Wouter Bos zei onlangs in VN dat het risico dat Kok in een derde termijn zou afbladderen aanwezig was.
'Dat is niet te zeggen. Niemand kan een abonnement op succes hebben. Het bepalen van het moment waarop je het stokje moet doorgeven is een essentieel onderdeel van verantwoord leiderschap.'
Had u het verstandig gevonden als hij was doorgegaan?
'Ehm, ik geloof dat we nu in het hele palet van overwegingen van voor de zomer terechtkomen. Dat lijkt mij niet zinnig.'
U kunt toch "ja"of "nee"zeggen?
'Nogmaals, het voert te ver om op alle details en overwegingen in te gaan.'
Kok is vooral opgestapt omdat het voor u het beste moment was.
'U bedoelt: anders moeten we hem nog vier jaar rustig houden?' Lachend: 'Nee, dat is niet aan de orde geweest.'
Ik bedoel: "nu is de tijd rijp voor onze nieuwe man. Als we te lang wachten, gaat-ie misschien stuk".
'Dat zou toch een ernstige onderschatting van mijn geduld zijn.'
Zijn werkkamer kijkt uit op het Catshuis. Wie voor het raam gaat staan, heeft uitzicht op het Torentje. Maar Melkert laat zich door het lokkende vergezicht niet op het verkeerde been zetten, benadrukt hij. 'Ik hoorde laatst van Bas van der Vlies dat deze kamer vroeger van de SGP was.' De overgangssituatie waarin hij zich bevindt na het besluit van Wim Kok om op te stappen als partijleider is Melkert tot nu toe alleszins meegevallen. 'Het gaat vrij soepel. Omdat m'n omgeving en de partij zo ongelofelijk positief reageren. Eerlijk gezegd had ik dat niet verwacht. Er waren veel mensen die hadden gewild dat Wim was doorgegaan. Dan verwacht je daarna toch enige afstandelijkheid.'
Wat denkt u, als u premier wordt, met Kok gemeen te hebben?
'Ik denk niet veel na over het premierschap. Tot december ben ik kandidaat in een partij die nog moet willen dat ik lijsttrekker word. Ik heb in de politiek geleerd dat je de dag niet moet prijzen voor het avond is.'
En u bent misschien bang om de verkiezingen te verliezen.
'Dat is een ingewikkelde vraag. U neemt teveel stappen ineens. Ik ben nog kandidaat-lijsttrekker.'
Maar u wordt zonder twijfel lijsttrekker en dan probeert u af te stevenen op het premierschap. De VVD staat er beter voor dan ooit. Het is zeer goed mogelijk dat dat premierschap er voor u niet inzit.
'Dat is natuurlijk denkbaar. Dat is precies de reden waarom ik het stap voor stap doe. Eerst in december naar mijn partij, daarna mét de partij vertrouwen winnen bij de kiezer. Daar zal uit voorvloeien waar we uiteindelijk uitkomen.'
Kunt u zich een PvdA voorstellen in een kabinet onder een VVD-premier?
'Dat zijn dus allemaal vergezichten die mij op dit moment niet bezighouden. Het is nog veel te vroeg om met scenario's te spelen.'
En als die premier nou 'ns "Zalm" heet?
'Nogmaals: er zijn heel veel scenario's denkbaar.'
Het is algemeen bekend dat het niet botert tussen Zalm en u. Zalm zei in 1997, toen hem naar uw ambities gevraagd werd, voor de camera: "is de positie van God nog vacant?"
'Dat vond ik onbehoorlijk. Ja, natuurlijk. Beláchelijk gewoon. Dat heb ik toen ook gezegd. Maar ik heb Zalm ook vaak genoeg gewaardeerd. Toen hij nog bij het CPB zat vond ik hem al heel creatief en toegankelijk.'
Uw imago werkt bepaald niet mee. Uw eigen fractiegenoten zeggen: "hij zou die luiken moeten opengooien, en zichzelf laten zien".
'Ach, straks wordt het voorjaar, dan gaan ze open. Gaat het lekker doortochten. Ik ben ervan overtuigd dat mensen je uiteindelijk vooral beoordelen op je boodschap, en of je er iets mee bereikt. Dáár laat je je persoonlijkheid in zien.'
Die theorie gaat alleen maar op voor een wereld die uitsluitend uit krantenlezers bestaat. Maar u moet ook voor camera's. Dan tellen uiterlijkheden en presentatie wel degelijk.
'Oók. Ze kijken naar alles. Het is altijd een mix. Maar ik ben terughoudend in persoonlijke ontboezemingen. Ik heb vanuit mezelf geen enkele drang om mezelf op dat vlak neer te zetten. Nooit gehad ook. Iemands persoonlijkheid komt het best tot zijn recht in kleine kring.'
Maar ik wil als kiezer weten wie u bént, en wat er in u omgaat.
'Het gaat om de visie op mens en maatschappij. Doe je het samen of alleen? En weet je of je iets aan die man hébt.'
Wat hebben ze aan Melkert?
'Dat ik doe wat ik zeg.'
Maar u zégt zo weinig.
'Dat is onzin. Ik doe absoluut wat ik zeg. Ik realiseer mij dat ik dat soms op een wat hoekige manier doe, en er soms wat langer over doe om te zeggen wat ik ga doen. Maar als ik het gezegd heb, dan mag je mij erop aanspreken.'
Hoe komt het eigenlijk dat u nooit met "ja" of "nee" antwoordt?
'Nou, ik weet niet of dat zo is. U spant uzelf ook niet in om uw vragen zo te stellen dat het makkelijk is om er "ja" of "nee" op te zeggen.'
Heeft het niet eerder te maken met het feit dat u liever altijd alle opties wilt openhouden?
'Maar het leven is toch te genuanceerd om met "ja" of "nee" te antwoorden?'
U houdt uw kruit maar liever droog?
'Er is een tamelijk vergaande neiging bij journalisten om dingen te willen weten die in de toekomst spelen. Ik zat een jaar geleden bij Barend en Van Dorp. De heren wilden graag iets weten over Máxima, over Kok en over het burgemeesterschap van Amsterdam. Terwijl ze donders goed wisten dat dat allemaal dingen waren waar ik onmogelijk op vooruit kon lopen. Je ziet al vóór je wat er gebeurt als je er wél wat over zegt. Omdat ook het moment waarop je iets zegt van groot belang is. Er zijn genoeg momenten waarop je ook van mij een heel duidelijk "ja" of "nee"kunt krijgen. De kunst is te zoeken naar het moment waarop jouw "ja" of "nee" het meeste gewicht in de schaal legt. Als ik "ja" roep op een ontijdig moment, dan kan dat weleens in zijn tegendeel verkeren.'
Dus houdt u voortdurend uw kaarten tegen uw borst tot het moment dat u blijkbaar goeddunkt?
'Luister, op zo'n moment licht je natuurlijk toe waarom je "ja" of "nee" zegt. Het behoort tot één van de hoofdopgaven van de politiek om dat te weten.'
Wilt u premier worden?
'Ik wil lijsttrekker worden van de PvdA.'
En rustig oefenen voor de oppositie?
'Ai, daar raakt u een gevoelige snaar.'
Ik testte u even.
'Dat weet ik.'
U kunt het echt niet over uw lippen krijgen, hè?
Breed grijnzend, met twinkeloogjes: 'Ik houd mij aan mijn eigen afspraken.'
Hoe komt het dat u zo ongelofelijk gereserveerd bent?Waar bent u bang voor?
'Ehm… zou dat de aard van het beestje kunnen zijn?'
U bent een voorzichtig beestje?
'Ja, dat denk ik wel. Ik probeer veel op me in te laten werken. Daar doe je volgens mij vaak ook goed aan. Soms laat ik mijn emotie overigens wel direct spreken. Na de aanval op de Twin Towers was er geen ruimte om rustig een paar weken over onze positie na te denken. Ik was het ontzettend eens met iedereen die zei: "hier moeten we direct tegen optreden".'
Fractiegenoten zeggen: "Ad zou meer moeten investeren in dingen die er niét toe doen. Gewoon 'ns kletsen over koetjes en kalfjes".
'Ik begrijp die opmerking wel. Dat is het nadeel van het fractievoorzitterschap. Toen ik nog Kamerlid was, nam ik daar echt wel de tijd voor. Maar nu zitten je dagen zo vol dat je er de tijd niet voor hebt.'
Dat hangt ervan af hoe je je prioriteiten stelt.
'Deels is dat waar. Maar het hangt ook samen met de verantwoordelijkheid die je draagt.'
Adri Duijvestein is nu een jaar vice-fractievoorzitter. Maar u hebt nog nooit 'n pilsje met 'm gedronken.
'Nou, de pils staat hier altijd in de ijskast. En volgens mij heb ik kortgeleden een keer bij hem thuis gegeten. Hij had lekker gekookt, goede wijn…'
Ik vraag of hij weleens huilt. Hij kijkt eerst of hij de vraag niet goed verstaan heeft. Zegt dan, bijna onhoorbaar zacht: 'Dat is wel eens gebeurd, ja.' Maar daar wil hij 'absoluut niet'' over praten. Dat had namelijk met 'strikt persoonlijke zaken' te maken. En wie zit daar nou op te wachten? Maar goed, 'het droevigste moment van de afgelopen jaren was voor mij het overlijden van mijn beste vriend Willem. Sinds mijn studententijd hadden we met elkaar opgetrokken. Iemand met wie ik alles besprak. We gingen samen naar Ajax, naar het Nederlands Elftal, naar Lou Reed. Hij is vijf jaar geleden gestorven, aan kanker. Zo verschrikkelijk snel.' Ja, dat raakte 'm diep, zegt Melkert. 'Dat gaat niet over. Ik denk nog zo vaak aan hem. Dat is ook zo raar: hij is vierenveertig geworden, en inmiddels ben ik dus ouder dan hij.' Het is 'op afstand de zwartste bladzijde' in zijn leven. 'Misschien ook omdat ik door de jaren heen heel weinig zwarte bladzijden heb hoeven meemaken. Dan opeens zie je dat nog veel scherper. Je gaat er sterk door relativeren.' Het heeft hem veranderd, denkt hij. 'Het heeft mij rustiger gemaakt; in mijn ambities, in de wijze waarop je mensen bejegent. Milder.' Dan, grinnikend: 'Al zal niet iedereen dat onderschrijven.'
Zou het jongetje dat u ooit was trots zijn op de man die u nu bent?
Glimlachend: 'Ik denk dat dat jongetje zou zien dat die man er veel aan heeft gedaan om iets met z'n nieuwsgierigheid te doen. Het symbool voor die nieuwsgierigheid was de wereldbol waar ik als kind ooit voor spaarde. En dan denk ik: datzelfde jongetje uit Gouderak dat zich vergaapte aan die wereldbol heeft heel veel gereisd, is thuisgekomen met een vrouw uit Chili en kent inmiddels allerlei mensen in vele landen… Dat kun je toch zien als een rechte lijn vanuit vroeger.'
Sterker nog: dat "boertje uit Moordrecht" helpt nu zelf die wereldbol te besturen.
'Dat plaats ik vooral in het kader van: je eigen verantwoordelijkheid nemen.'
Dus u bent helemaal klaar voor de grote stap?
'Ik ben er in ieder geval helemaal klaar voor om de komende maanden…'
Zeg nou 'ns gewoon "ja".
'Nou, zal ik het dan maar 'ns doen? Ja!'
© Coen Verbraak, 2001
|